EBIDAT - Die Burgendatenbank

Menu

Lobith-II

Geschichte:

Een rekening van de Lobithsche tollenaar Johannes Mis uit 1347 vermeld dat er een nieuw (hertogelijk) huis werd gebouwd op de tragel: 'Item pro structura et fabrica nove domus apud den tragel'. De tragel is een pad langs de rivier waarlangs men boten kan slepen. Het nieuwe tolhuis (nove domus) werd gebouwd, omdat het oude tolhuis (lobith 1) op een andere locatie zijn functie verloor door het verzanden van de rivier.
Het tolhuis te Lobith werd vermoedelijk gebouwd door Reinoud I van Gelre. Catharina van Kleef kreeg het in 1459 in haar bezit. In 1473 werd het tolhuis door Karel de Stoute geschonken aan Jan van Kleef. Wie verder eigenaar van het kasteel is geweest is onduidelijk. Wel is bekend dat de functie van het kasteel als tolhuis rond 1600 kwam te vervallen, vanwege de veranderende rivierloop.
In de tachtig-jarige oorlog werd het gebouw gebruikt door prins Maurits en Frederik Hendrik.

Besitzgeschichte
In einer Rechnung des Zöllners Johannes Mis aus Lobith aus dem Jahre 1347 wird vom Bau eines neuen (herzoglichen) Hauses gesprochen. Das neue Zollhaus wurde erbaut, weil das alte (Loith-I) auf einem anderen Platz seine Funktion verloren hatte, da der Fluss versandet war.
Das Zollhaus Lobith II wurde vermtulich von Reinhard I. von Geldern erbaut. Katharina von Kleve erhielt es 1459. Im Jahr 1473 wurde das Haus von Karl de Stoute an Jan von Kleve verschenkt. Es exisieren keine Informationen bezüglich der späteren Besitzer. Um 1600 verlor auch dieses Zollhaus seine Funktion infolge des sich verändernden Flusslaufs. Im Achtzigjährigen Krieg wurde das Gebäude noch einige Jahre von den Prinzen Moritz und Friedrich Heinrich genutzt.

Bauentwicklung:

Met de bouw van het kasteel kan vanaf het jaar 1307 begonnen zijn. Op 16 mei van dit jaar kreeg graaf Reinoud I van keizer Albrecht toestemming om de tol van oud lobith (lobith 1) met circa een kilometer te verplaatsen. In diverse rekeningen van opeenvolgende jaren werden verschillende bouwdelen genoemd. In 1384/85 was er sprake van een zaal als hoofdverblijf van de hertogen. Verder werd er melding gemaakt van een graanschuur en een duivenhuis, "de toren" en een huis, vermoedelijk van de tollenaar. In 1385/86 was er sprake van het nieuwe huis tussen de toren en het wachthuis en een huis tussen de toren en het bakhuis, verder niet gespecificeerd. Uit een rekening van 1411 bleek het bestaan van een voorburcht. Tussen 1414 en 1418 werd de ringmuur twee keer hersteld. Het bouwvallige kasteel fungeerde van 1614 tot 1660 voor een deel als kerk. Rond 1660 was er weinig van het kasteel over. Toen de Fransen in 1672 ter hoogte van Lobith de Rijn overstaken, werd de toren verwoest. In de loop van de achtiende eeuw werden de resten van het kasteel door de omringende bewoners gebruikt als bouwmateriaal. In de loop van de 18e eeuw werd het kasteel vernietigd. Uit 17e eeuwse prenten is duidelijk een rechthoekig grondplan te herkennen. Tevens staat een ronddeel afgebeeld dat mogelijk in het begin van de 16e eeuw valt te dateren.

Baubeschreibung:

In diverse rekeningen van opeenvolgende jaren werden verschillende bouwdelen genoemd. In 1384/85 is er sprake van een zaal als hoofdverblijf van de hertogen. Verder werd er melding gemaakt van een graanschuur en een duivenhuis, "de toren" en een huis, vermoedelijk van de tollenaar. In 1385/86 was er eveneens sprake van het nieuwe huis tussen de toren en het wachthuis en een huis tussen de toren en het bakhuis, verder niet gespecificeerd. Uit een rekening van 1411 bleek het bestaan van een voorburcht.
Zoals op een drietal 17e eeuwse afbeeldingen staat weergegeven, lijkt het tolhuis een rechthoekig complex te zijn geweest, met daarbij een vrijstaand ronddeel aan de rivierkant. Bij gebrek aan voldoende archeologisch materiaal kunnen we geen uitspraak doen over de afmetingen van het complex.

Baugeschichte:
Die Bau des Zollhauses begann vermutlich 1307 . Am 16. Mai dieses Jahres erhielt Reinoud I von dem Kaiser Albrecht die Erlaubnis, den alten Zoll etwa einen Kilometer zu verschieben. In mehreren Rechnungen aus späteren Jahren werden unterschiedliche Bauteile des Zollhauses aufgelistet. 1384/85 wird ein Saal genannt. Auch wird von einer Scheune, einem Taubenhaus "einem Turm" und von einem Haus, das vermutlich dem Zollner gehörte gesprochen.,. Im Jahre 1385/86 gab es ein neues Haus zwischen dem Turm und dem Wachhaus. Aus einer Rechnung von 1411 erfahren wir, dass es auch eine Vorburg gab.. Zwischen 1414 und 1418 wurde die Ringmauer zwei Mal renoviert. Die zerfallene Burg hat von 1614 bis 1660 als Teil einer Kirche gedient. Um 1660 war die Burg stark zerfallen. Als die Franzosen 1672 bei Lobith den Rhein überquerten, wurde der Turm zerstört. Im achtzehnten Jahrhundert wurden die letzten Reste der Burg abgerissen. An Hand von Abbildungen aus dem siebzehnten Jahrhundert kann man einen rechteckigen Grundplan erkennen. Auch ist auf diesen Abbildungen eine Rondelle aus dem 16. Jh. abgebildet. Aus Mangel an archäologischen Befunden ist es schwer, etwas über die Abmessungen der Burg zu sagen.
E.R. und L. v.d. W.