EBIDAT - Die Burgendatenbank

Menu

Plettenburg

Geschichte:

In 1394 komt huis Plettenburg, dan nog 'huis van Jutfaas' genoemd, voor het eerst voor in de bronnen. Evert van den Rijn werd toen beleend met 'sijn huys mit twintich mergen lants gelegen tot Jutfaes'. Op 10 oktober 1481 vielen Hollanders Jutfaas binnen, en staken daarbij Plettenburg en de nabijgelegen kastelen Rijnhuizen en Wijnestein in brand. Het is niet bekend hoe uitgebreid de verwoesting was. Het kasteel werd al vrij stel weer hersteld of opnieuw opgebouwd, aangezien Johan Woudemans zoon Folper zestien jaar later weer met het huis beleend werd. Johans dochter trouwde in de familie De Beesde, en zo kwam Plettenburg in 1499 in hun handen. Het is onduidelijk of Plettenburg als ridderhofstad werd erkend. Volgens een anonieme zeventiende-eeuwse lijst van ridderhofsteden was dit wel het geval, maar in de resoluties van de vergadering van de Staten van Utrecht werd Plettenburg niet genoemd. Ook is de bezitssituatie in die tijd onduidelijk: in 1541-42 werd Marie Zoudenbalch, weduwe van Johan van Rijn van Jutfaas, met Plettenburg beleend. Er was echter ook sprake van Frederik de Voecht van Rijneveld, getrouwd met Margariete van Beesde, die na het overlijden van Anthonis van Beesde met het huis beleend werd. Voor 1569 ging het huis over op Johan Boll, waarna het in handen kwam van enkele Utrechtse patriciërsfamilies. In 1597 kwam het in handen van Nicolaas de Malapert. Na het overlijden van de laatste telg uit dit geslacht, Pieter de Malapert, werd Plettenburg in 1806 verkocht aan Barthold de Geer van Jutfaas en Isaac Schalij. In 1819 deden zij afstand van het toen inmiddels geslechte huis, aangezien het onteigend werd om plaats te maken voor een aarden fort, dat onderdeel was van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Dit fort Jutfaas bestaat nog steeds.

Bauentwicklung:

Het vroegste middeleeuwse huis 'Plettenburg', toen aangeduid met de naam 'huis te Jutfaas', is gebouwd voor 1394. In dat jaar wordt Evert van den Rijn ermee beleend. Het is niet bekend hoe dit huis eruit heeft gezien. In 1481 werd Plettenburg door de Hollanders in brand gestoken. Hoe uitgebreid de verwoesting is geweest, is onduidelijk. Het huis werd al snel hersteld of herbouwd, want zestien jaar later was er alweer sprake van een huis Plettenburg. In 1597 kwam Plettenburg in handen van Nicolaas de Malapert. Deze heeft een geheel nieuw huis laten bouwen, mogelijk al in 1598, zoals de 'Tegenwoordige staat' (1740) beweerd, mogelijk in 1613, zoals aangetekend staat in het Ridderhofstedenboek (1995). Dit huis was een L-vormig gebouw bestaande uit twee vleugels van twee bouwlagen onder hoge kappen, opgetrokken in Hollands-maniëristische stijl. In de hoek van de twee vleugels, op het binnenterrein, stond een vierkante toren die boven de daklijst achthoekig werd. Dit gebouw stond aan de zuidoostzijde van een met lage muren omgeven rechthoekige binnenplaats, met op de noordoosthoek een lage vierkante toren. Het huis lag op een dubbel omgracht kasteeleiland, met aan de oostzijde een voorburcht met dienstgebouw. Dit complex is nog zichtbaar op de pre-kadastrale kaart van 1810, maar werd kort daarna afgebroken, aangezien er bij de onteigening van 1819 slechts sprake was van 'het geslegte huis van Plettenburg' en 'het voormalige slot'.

Baubeschreibung:

Het is niet bekend hoe het vroegste middeleeuwse kasteel te Jutphaas eruit heeft gezien.

Arch-Untersuchung/Funde:

grondboringen door RAAP, 1990. (Van der Graaf e.a. 1990)